Radio Riverside 60PLUS

Een uurtje jonger dan gisteren…

Aflevering 118

 Tegen de tijd dat Bud Powell (1924-1966) in 1947 zijn eerste trio opname maakte, was hij al op een afschuwelijke manier behandeld door de politie en autoriteiten van de geestelijke gezondheidszorg in New York City. Maar die opname uit 1947 hebben een harde helderheid die nooit geëvenaard is, en die Powell in staat stelde een van de weinigen te worden die op gelijkwaardige voet met Charlie Parker konden spelen. Bud Powell was een genie onder de beboppianisten, maar je kon hem niet los laten lopen, want dan gebeurden er meestal ongelukken.


Riverside wordt elke zondagavond uitgezonden via Radio Bodegraven, van 23:00 tot 00:00. Tevens is deze na de uitzending terug te luisteren via uitzending gemist van Radio Bodegraven.


Bud Powell – Monopoly 4:52

Bud Powell (1924-1966) geboren in New York en aldaar overleden, wordt algemeen gezien als een van de beste en meest invloedrijke pianisten in de geschiedenis van de jazz. Hij speelde een sleutelrol in de ontwikkeling van de bebop. Bud Powell leerde heel veel van die andere pianist Thelonious Monk, die zijn compositie “In Walked Bud” aan Powell opdroeg. Bud Powells eerste opnamen werden gemaakt met de Cootie Williams Band in 1942-’44, toen hij 20 jaar oud was. Zijn laatste opnamen stammen uit 1964 op Birdland Jazz Club N.Y.C na zijn terugkeer naar de VS na enkele jaren in Europa. Het album “Time Waits” is de laatste uit een serie van vier, opnames die gemaakt zijn op 24 mei 1958 voor Blue Note. Bud wordt hierop bijgestaan door bassist Sam Jones en drummer “Philly” Joe Jones. Negen tracks allen geschreven door Bud Powell.


Walter Davis Jr. – Sweetness 8:14

Walter Davis Junior.,een bebop pianist en componist, speelde regelmatig in New York en Europa. Hij was een felle energieke pianist, die gevormd werd als teenager op de vruchtbare New York bebop scene van de late jaren ’40. Hij was onderdeel van de eerste generatie om de innovaties van Bud Powell, Charlie Parker en Thelonious Monk volledig te begrijpen. Eind jaren vijftig werkte hij veel met trompettist Donald Byrd, met wie hij ook een drie maanden durend tournee had door Europa. Op zijn album  “Davis Cup” uitgebracht in 1960 schitterde Donald Byrd als van ouds weer en natuurlijk ook altsaxofonist Jackie McLean, verder nog Sam Jones op bas en drummer Art Taylor. Zes tracks allen geschreven door Davis, waaronder de mooie ballad “Sweetness“.


Bud Powell – You Go to My Head 3:15 

Bud Powell is amazing, het staat op de hoes van zijn lp. Maar in zijn geval was het meer dan de reclamekreet van een platenmaatschappij; hij was werkelijk verbazend goed en voor vele was hij een genie, zij het een getroebleerd genie. Drugs speelden hun rol en Bud Powell bracht tussen de sessies waaruit dit album voortkwam en die voor de al even fascinerende opvolger meer dan een jaar in een psychiatrische inrichting door.

Volgens Miles Davis was Bud ‘de grootste pianist van zijn tijd’ en als je dit album beluistert, plus de opvolger deel twee heb je daarvan bevestiging genoeg. Het album uit 1952  had twee sessies van vier stukken, vier tracks met de blazers Fats Navarro en Sonny Rollins, in de rhythm sectie zaten Tommy Porter op bas en drummer Max Roach. Jazz standaard “You Go to My Head” is een stuk uit 1938 van Fred Coots die het schreef voor pianist Teddy Wilson die het opnam samen met zangeres Nan Wynn.


Sonny Terry & Brownie McGhee – Livin’ with The Blues 3:59

Het blues duo Sonny Terry (1911-1986) en Brownie McGhee (1915-1996) met “Livin’ with the Blues” met een opname uit Los Angeles van 29 december 1959. Sonny Terry werd geboren in Greensboro, Georgia en raakte blind door twee ongevallen in zijn jeugd. Hij leerde mondharmonica spelen en trad in de jaren dertig samen op met Blind Boy Fuller. In 1939 leerde hij de mank lopende gitarist en zanger Brownie McGhee kennen met wie hij ging samenspelen. Hoewel hij daarna nog met vele andere bluesartiesten duo’s vormden, o.a. met Lightnin’ Hopkins, hield het duo Sonny Terry en Brownie McGhee stand tot het einde. Het spreekwoord de lamme begeleidde de blinde is op hun goed van toepassing.


Roy Eldridge & Benny Carter  – I Missed my Hat 5:14

radio riverside

In 1950 ging trompettist Roy Eldridge (1911-1989) spelen bij het sextet van Benny Goodman, die net een kort tournee naar Europa had gepland. Roy bleef in Parijs achter na het tournee met Goodman – hier voelde hij zich vrij en gerespecteerd – geen discriminatie van wegen zijn huidskleur. Roy hield van jamsessions waarin hij zijn trompetspel kon meten met anderen, daar genoot hij van. Een jongere generatie trompettisten  zoals Howard McGhee en Clifford Brown, wilde net zo klinken als Roy Eldridge en zij ontwikkelden een nieuw geluid, dat bekend zou worden als de bebop. Op 21 en 23 maart 1955 nam Eldridge samen met het Benny Carter Quintet het album “Urban Jazz” op. Benny Carter (1907-2003) speelde altsaxofoon, Bruce McDonald – piano, John Simmons – bas en drummer Alvin Stoller. “I Missed my Hat” is een stuk van hemzelf.


Lightin’ Hopkins – Coffee for Mama 3:30

De eerste opnames die blueszanger Lightnin’ Hopkins (1912-1982) in 1946 maakt, luiden een periode in die bijzonder belangrijk zal blijken te zijn voor de na-oorlogse Texasblues. Hopkins wordt daarmee de opvolger van Blind Lemon Jefferson en Texas Alexander. Twee mensen waarop de hele vooroorlogse Texasblues valt terug te voeren. Door het succes van Hopkins ontstond er een revival. ‘Countryblues‘ werd als ‘Down Home Blues‘ gebracht, en genoot van 1946 tot 1954 een enorme populariteit. In tegenstelling tot de ‘Chicagoblues‘, die in de lijn Muddy Waters, Elmore James, Magic Sam en Luther Allison tot op heden er een met de meeste levensvatbaarheid is gebleken – stierf de ‘Texasblues’ in 1954 een te vroege dood. Lightnin’ Hopkins met “Coffee for Mama“.


Bud Powell – Collard Greens and Black -Eyed Peas 3:04

Jazzradio

Bud Powell was zo goed dat hij op zijn achttiende al betrokken werd in het orkest van Duke Ellington. Als bebop pianist kende hij een gigantische populariteit. Maar kwam in Amerika haast niet meer aan de bak toen drugs en alcohol hem onbetrouwbaar maakten. Hij vertoonde tevens een autistisch gedrag, en werd meermaals opgenomen in psychiatrische instellingen. In 1959 vestigde hij zich in Parijs. Deze traumatische periode in zijn leven werd tevens zijn meest succesvolle.

In 1964 werd tbc bij hem vastgesteld en collega’s van hem organiseerde een benefiet-concert zodat hij terug naar de Amerika kon gaan. Waar hij in 1966 overleed. Hij werd amper 42 jaar oud. Op 14 augustus 1954 nam Bud Powell samen met bassist George Duvivier en drummer Art Taylor enkele nummers op, die terug zijn te vinden op deel twee van de serie “The Amazing Bud Powell“. “Collard Greens and Black Eyed Peas” is gecomponeerd door Oscar Pettiford.


Ben van Gelder – In Motion 6:14

Altsaxofonist en basklarinettist Ben van Gelder (1988) vormt een van de grootste jazztalenten van de afgelopen jaren. Niet alleen in Nederland, maar ook in New York City doet hij zich van spreken. Sterker nog, hij heeft de afgelopen tien jaar grotendeels in de hoofdstad van de jazz gewoond. Zijn derde album “Among Verticals” uitgebracht in 2016 komt voort uit een compositie opdracht die hij kreeg van The Jazz Gallery. Het belangrijkste podia voor eigentijdse muziek in New York City. Met dit album bewijst Van Gelder ook in internationaal opzicht te behoren tot de belangrijkste jazzmusici van dit moment. Een musicus die zo goed is, dat Nederland definitief te klein voor hem lijkt te worden.


Annie Ross & The Gerry Mulligan Trio/Quartet – 1) I’ve Grown Accustomed to Your face 3:02.  2) How About You 2:53.

Zangeres Annie Ross (1930) heeft jarenlang de vocale jazz gedomineerd. Daarnaast vele plaatopnamen gemaakt met alle denkbare grote namen op jazz gebied. Bijvoorbeeld op haar album “Sing a Song with Mulligan“. De opnames vonden plaats december 1957 en januari 1958, op twee locaties in respectievelijk New York en Los Angeles. Begeleid door het Gerry Mulligan Trio / Quartet. Haar stem harmonieert prachtig met de baritonsax van Mulligan. Alle veertien selecties zijn meer dan de moeite waard. Toch zijn er een aantal composities die er voor mij echt uit springen. Dat zijn in de eerste plaats “I’ve Grown Accustomed to Your Face” en “Give Me the Simple Life” waarin de trompet van Art Farmer te horen is. Maar ook “How About You” met Chet Baker op trompet is een genot om te horen. Twee maal Annie Ross met Gerry Mulligan.


John Lee Hooker – That’s Allright  4:24

Eigenlijk is het triest dat “The Healer” John Lee Hooker’s best verkochte album is. Van de tien nummers zijn er tenslotte maar enkele, en dan met name ‘Baby Lee‘ en ‘That’s Right‘. Die representatief zijn voor het werk waarmee hij in de daaraan voorafgaande decennia bekend geworden is; een van de Mississippi Delta Blues afgeleide basale vorm die later Detroit Blues genoemd wordt. Op ‘That’s Alright‘ wordt John Lee Hooker (1917-2001) bijgestaan door mondharmonicaspeler Charlie Musselwhite (1944).


 

Verder Bericht

Vorige Bericht

© 2018 Radio Riverside 60PLUS