radio Riverside jazz

"van Coltrane tot Miles"

Riverside Jazz 176

 een lyrische trompettist

Soms vormen de zwakheden van een muzikant zijn visitekaartje. In de jaren 50 werd Chet Baker de James Dean van de jazz. Hij was een mooie jongen die zichzelf trompet leerde spelen op een soort gekwetst romantische manier en die als een gewonde engel ballads zong als ‘My Funny Valentine’.

Dat was vóór zijn heroïneverslaving; daarna was hij een wrak. Ergens in de jaren 60 raakte hij zijn tanden kwijt doordat hij in elkaar geslagen werd in opdracht van een schuldeisende drugdealer en was het een tijd stil om hem heen.

In 1973 probeerde hij terug te komen in de Half Note Club in New York, waar Dizzy Gillespie een goed woordje voor hem had gedaan en de eigenaars zich hem nog herinnerden. Halverwege de eerste week waren alleen de echte fans komen opdagen om de schaduw te zien van de grote speler die hij ooit was.

“Chet Baker? Is die niet dood?” was de reactie op het nieuws van zijn come-back. “Daar lijkt het wel op”, zeiden degenen die de zaal na een of twee nummers teleurgesteld hadden verlaten. Baker moest nog steeds aan zijn nieuwe gebit wennen en speelde frasen die er vaak uitkwamen als weinig meer dan valse lucht.

Maar hij vocht door en gaf zichzelf af en toe wat respijt door het zingen van ‘But Not for Me’ of ‘What is This Thing Called Love’ met een bedroefd zachte stem, die in elk geval niet veranderd was. Het had iets heroïsch, deze wil om zichzelf bloot te stellen aan een behoorlijke publieke vernedering met als doel terug te komen.

Maar voor degenen die bleven en hem rustig aanmoedigden, was het helemaal niet vreselijk. De trekken van de oorspronkelijke Chet Baker waren duidelijk aanwezig onder de schaduwachtige contouren van deze nieuwe, zwaar beschadigde versie, en de enige manier waarop hij zijn oude vorm terug zou kunnen vinden, was door deze moeilijke confrontatie met zichzelf en zijn publiek aan te gaan.

Hij redde het ook, niet aan het einde van de week, maar wel aan het eind van dat decennium, toen zijn techniek, zijn embouchure en de verbindingsmechanismen tussen hersenen en vingers weer volledig terug waren en hij de beste muziek van zijn leven speelde.

Het concert dat Chet Baker een jaar voor zijn dood gaf in Tokyo bevatte onafgebroken vindingrijkheid van het hoogste niveau. Niet dat hij daarvoor geprezen werd. Hij was al lang weggestopt met andere prachtige verliezers, begraven onder een stapel veronderstellingen.

Chet Baker stierf in de nacht 12-13 mei om drie uur s’nachts op straat op de Prins Hendrik Kade te Amsterdam. Hij was alleen, die avond, en liet exact 59,90 gulden na.

tekst van richard williams ‘jazz”


chet baker – “live” in tokyo (1987
1) “Stella by starlight” 10:52

Opgenomen ‘Live’ op 14 juni 1987
Showa Women’s University’s Hitomi Kinen Kõdõ Tokyo Japan
Compositie van Victor Young uit 1944

Chet Baker (1929-1988) Trompet en zang
Harold Danko (1947) Piano
Hein Van Der Geyn (1956) Bass
John Engels (1935) Drums

Net als in een goede solo komt het hoogtepunt van Chet Bakers platenoeuvre kort voor z’n einde. Dat was een concert in Japan op 14 juni 1987. Daar combineerde hij de kracht van zijn vroege jaren met de diepgang die later zou komen. Dankzij een uitzonderlijk goed ingespeelde ritmesectie – pianist Harld Danko, bassist Hein van de Geyn en drummer John Engels – lijkt er niets meer mis te kunnen gaan.

Harold Danko – pianist


2) “for minors only” 7:42

Compositie van Jimmy Heath uit 1959

Hein Van De Geyn – bassist


3) “almost blue” 7:55

Compositie van Elvis Costello

Almost Blue is een nummer van de engelsman Elvis Costello, stond op zijn zesde studio album ‘Imperial Bedroom’ 1982. Na het beluisteren van Chet’s uitvoering van ‘The Thrill is Gone’ werd Costello geïnspireerd om gelijkluidende muziek te maken.

John Engels – drummer


4) “portrait in black and white” 15:48

Compositie van Antonio Carlos Jobim uit 1965


5) “my funny valentine” 13:15

Compositie van Richard Rodgers & Lorenz Hart

Hoewel Chet Baker niet bekend stond als een buitengewoon technische muzikant, was hij een volmaakte improvisator, in staat om veel van zijn tijdgenoten te overtreffen. Hiermee rekening houdend is het heel bijzonder hoe monter en technisch begaafd Bakers spel klinkt op deze live-opnamen uit 1987, met begeleiding van pianist Harold Danko en de Nederlanders Hein Van De Geyn (bas) en John Engels (drums). Hij voert ook een memorabele versie uit van ‘My Funny Valentine’, Bakers handelsmerk die respectievelijk het begin en het eind van zijn carrière vertegenwoordigen. 


6) “Four” 7:30

Compositie van Miles Davis

Gezeten op een kruk speelt de trompettist nummers als “I’m a Fool to Want You”, “Broken Wing” en “Four” van Miles Davis. Zijn timing is op dit nummer subliem, zijn toon prachtig helder en warm.


7) “i’m a fool to want you” 11:24

Compositie van Frank Sinatra & Jack Wolf & Joël Herron


8) “seven steps to heaven” 7:58

Compositie van Miles Davis

Achter Chet Baker op het podium op die gedenkwaardige avond in Tokyo, stond een jonge, verlegen Hein van de Geyn op bas, de Amerikaanse pianist Harold Danko en een geconcentreerde John Engels. Ze begeleiden super. Stuwend, duidelijk en met gevoel.


9) for all we know” 8:59

Compositie van J.Fred Coots & Samuel Lewis

Chet Baker is altijd een mythische figuur geweest, niet alleen vanwege zijn fabuleuze muziek maar evenzeer om zijn levenswandel vol drugs, geluk, pech en eigenzinnigheid en een lang genoeg leven om dat alles later te kunnen staven met verhalen en boeken. Met als tragische apotheose zijn val uit een hotelraam op de Prins Hendrikkade.


10) “Broken Wing” 10:08

Compositie van Richie Bairack

Chet Baker is wellicht ten onder gegaan aan zijn eigen roem en populariteit, Op drieëntwintig jarige leeftijd werd hij gezien als “great white hope”; een nieuwe James Dean. Zijn sexy uiterlijk speelt daarbij een doorslaggevende rol. Het legt echter een last op hem die hij niet meer kwijtraakt en wat vermoedelijk de reden is dat hij steeds meer en zwaardere drugs gebruikt. Ondanks diverse pogingen de verslaving onder controle te krijgen blijft hij tot het eind verslaafd.


11) “my funny valentine” 9:34

Opgenomen in de Funkhouse Hannover Duitsland, zijn laatste grote concert 28 april 1988

Chet Baker (1929-1988) Trompet en zang
Walter Norris (1931-2011) Piano
John Schröder (1964) Gitaar
Orkest: The Radio Symphony Hannover
Dirigent: Dieter Glawischnig

Concert met een symfonieorkest, twee weken voor Chet’s overlijden. Uitstekend opgenomen, met een passend afscheid van zijn lijflied “My Funny Valentine”. Chet heeft zijn plaats in de jazzhistorie meer dan verdiend.


Chet Baker Memorial Amsterdam


 

Verder Bericht

Vorige Bericht

© 2019 radio Riverside jazz

Thema door Anders Norén


Warning: session_cache_limiter(): Cannot change cache limiter when headers already sent in /var/www/piwik/core/bootstrap.php on line 32